Aanpassingen van de snavelKusttrekvogels zoeken voedsel in het water of in de bodem. Daarom hebben ze vaak een lange en slijtvaste snavel. De verschillende soorten vogels die op het wad eten zoeken, hebben vaak verschillende lengtes van snavels. Een wulp (zie tekening) heeft een hele lange kromme snavel en kan dieren die diep zitten uit de bodem trekken. Andere vogels zoals de kanoet hebben een kortere snavel om dieren die minder diep zitten omhoog te halen. Schelpdieren worden soms in één keer doorgeslikt. Een scholekster kan met zijn harde snavel de schelphelften juist openbreken en dan het vlees eruit eten.
Terug naar pagina overzicht
|
|













Terug naar pagina overzicht