Voedselketens op het wadZowel het waddengebied als de Zeeuwse delta zijn belangrijke gebieden voor trekvogels. Ze rusten er en ze zoeken er naar voedsel. In het slik zijn mooi voorbeelden te vinden van eten en gegeten worden. Alles is met alles verbonden.
Elke voedselketen of voedselweb begint bij de planten. Zo ook op het slik. Elke keer als bij vloed de bodem overstroomt door de de zee worden er verse voedingsstoffen aangevoerd. Als de bodem dan droogvalt kunnen er in korte tijd heel veel kleine algen (planten) op de bodem groeien en bloeien. Dit is het bruine laagje wat je op de bodem ziet. Wadslakjes worden vooral gegeten door bergeenden die de slakjes met hun snavel uit het natte zand filteren. De alikruikjes worden door niets gegeten. Platvissen op hun beurt zijn weer prooi voor zeehonden, lepelaars (mits ze niet te groot zijn)en zilvermeeuwen. De krab neemt een bijzondere plek in in de voedselketen. Deze ruimt alles op en eet alles wat dood is. daardoor komen alle dode dieren uiteindelijk weer als kleine voedseldeeltjes op het slik en in het water terecht. De krab wordt zelf weer gegeten door de zilvermeeuwen.
Terug naar pagina overzicht
|
|













Terug naar pagina overzicht